Martijn van Koolwijk: Aapjes kijken in een containerdorp

Columnist Martijn, die in de geestelijke gezondheidszorg werk, heeft een nieuwe functie: het wegsturen van pottenkijkers bij de skaeve huse, een containerdorp voor ex-dak- en thuislozen.

“Mevrouw, dit is privéterrein!” roept een van de bewoners geïrriteerd.
De vrouw negeert hem, blijft op haar plek staan en kijkt over het terrein alsof zij hem niet hoort of ziet. Zij is een van de vele nieuwsgierigen die sinds de opening van de zorgwoningen – een zogeheten containerdorp/skaeve huse – het terrein op loopt om een kijkje te nemen. Begrijpelijk. Het terreintje waarop de woningen voor ex-dak- en thuislozen staan, ziet eruit als een vakantieparkje. We hebben er de eerste Duitse camper die het terrein op reed al moeten wegsturen. Verkeerde afslag.

Hoe mooi het er ook uitziet, het is vreemd om zomaar een terrein met woningen op te lopen. Als de woningen al bewoond zijn, vind ik het zelfs wat asociaal. Ik bedoel, als er ergens een luxe villa gebouwd is, loop je daar ook niet de tuin in, het bordje privé negerend, om je nieuwsgierigheid te voeden.

Soms is het anders. Dan komen er buurtbewoners kennismaken en nemen ze soms zelfs bosjes bloemen voor de bewoners mee. Meestal zijn het echter pottenkijkers, die toevallig langslopen of voorbij fietsen en tot grote ergernis van de bewoners een rondje over het privéterrein maken. “We zijn geen aapjes!”

Zo ook deze keer.

De vrouw die eerder de bewoners negeerde, negeert mij ook als ik naar haar roep dat ze zich op privéterrein bevindt. Pas wanneer ik naar haar toe begin te lopen, krijg ik aandacht. “Oh hallo. Ik dacht, ik kijk even. Wat is dit allemaal hier?” zegt ze, alsof ze zojuist een award voor de meest nonchalante houding van 2022 heeft gewonnen.
“Dit hier is privéterrein, mevrouw”, zeg ik, grote passen in haar richting makend.
“Oh ja, ik dacht al. Ik kom hier wel eens vaker langs. Eerst was dit er nog niet.”
Inmiddels sta ik naast haar: “De mensen die hier wonen, zijn gewend aan en behoeven enige privacy.”
“Ah ja, begrijpelijk, ik werk zelf ook in de zorg.”
“Dan begrijpt u vast dat ik u moet verzoeken te gaan.”
De vrouw tuurt even over mijn schouder naar de huisjes voordat ze zegt: “Ja, leuk hoor. Het ziet er mooi uit. Tot ziens.”
Daarna loopt ze weg. Even vraag ik mij af of het zojuist gebeurde überhaupt het voeren van een dialoog genoemd mag worden, maar mijn doel is bereikt. De vrouw is weggegaan zonder een rondje over het terrein te maken.

Ik loop terug maar mijn koffie in de begeleidersunit, om daar te wachten op de volgende nieuwsgierige voorbijganger of Duitse camper. Misschien moeten we de tekst op het bordje bij de ingang, privé, maar vervangen door hier waak ik.

Voormalig HAN-student Martijn van Koolwijk werkt in de geestelijke gezondheidszorg (ggz). Hij schrijft om de week een column voor SAM. Lees zijn vorige bijdrage hier.

Alle reacties (1)

Martijn van Koolwijk: V.O.G. blijft voormalig criminele jongere achtervolgen  - SAM by HAN

[…] Voormalig en afgestudeerd HAN-student Martijn van Koolwijk werkt in de geestelijke gezondheidszorg. Hij schrijft om de week een column voor SAM. Lees zijn vorige bijdrage hier. […]

likes Reageer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *